Advies van de gewestelijke energieregulatoren over het federaal wetsontwerp ‘Koopkracht energie’
ADV-2026-01
Op vraag van de federale minister van Energie gaven de Brusselse energieregulator Brugel, de Waalse energieregulator CWaPE en de Vlaamse Nutsregulator samen hun advies over een federaal wetsontwerp om de informatieverlening naar consumenten te verbeteren en de koopkracht van consumenten te verhogen.
Daarnaast formuleren de regionale regulatoren in het gemeenschappelijk advies een aantal voorstellen om het wetsontwerp aan te passen en te verduidelijken.
Onze bedenkingen
Vaste prijsstructuur
Het federale wetsontwerp verplicht de leveranciers om hun prijs voor te stellen volgens een vaste prijsstructuur.
We zien daarbij verschillende risico’s:
- Leveranciers rekenen nu bepaalde kosten door aan klanten die de kosten veroorzaken, zoals kosten voor energiedelen, het forfait zonnepanelen, … Moeten leveranciers de vaste prijsstructuur volgen? Dan moeten leveranciers die kosten verdelen over al hun klanten. Daardoor ontstaat er een groot risico dat energieprijzen voor iedereen zullen stijgen.
- Bij kleinere en ook nieuwe leveranciers zullen de prijsstijgingen in verhouding het grootst zijn, zodat vooral zij er de negatieve gevolgen van ondervinden. De groep klanten waarover zij de kosten moeten spreiden is kleiner. Daardoor kunnen hun prijzen in de toekomst hoger zijn. Nochtans spelen zij een cruciale rol in het waarborgen van een gezonde concurrentie op de energiemarkt.
- Mogen leveranciers wettelijk bepaalde kosten, zoals kosten groene stroom en warmtekrachtkoppeling (WKK) en de toekomstige wettelijke kosten voor het verminderen van de CO2-uitstoot (Emissions Trading System of ETS2) niet meer apart aanrekenen? Dan moet de leverancier die kosten vooraf vastleggen, zonder te weten wat de werkelijke kosten zullen zijn. Dat is zeker zo voor ETS2, waarvan de markt nu nog niet bestaat. Er is een groot risico dat leveranciers een hogere risicopremie zullen aanrekenen aan de consument. Zo kunnen ze zich indekken tegen mogelijke toekomstige prijsverhogingen die niet langer kunnen doorgerekend worden.
- Staan kosten niet meer apart op de tariefkaart? Dan is het voor klanten minder duidelijk welke kosten leveranciers allemaal doorrekenen. Die maatregel zorgt dus net voor minder transparantie.
- De vooropgestelde vaste prijsstructuur laat geen hybride prijszettingen toe. Dat zijn contracten die elementen van een vaste en een variabele prijsformule combineren. Voor sommige energiecoöperaties is dat de kern van hun business model. Dit komt ook tegemoet aan de noden van energie-afnemers die zoeken naar een balans tussen een vaste prijs en de invloed van de evolutie van de marktprijzen.
- Een vaste prijsstructuur geeft de leveranciers onvoldoende ruimte om nieuwe, innovatieve producten aan te bieden die de energietransitie ondersteunen. De doelgroep voor die innovatieve producten is niet noodzakelijk het grote publiek. Maar wel de actieve afnemers met elektrische voertuigen, zonnepanelen, thuisbatterijen of warmtepompen. Zij stellen via innovatieve producten hun flexibiliteit ter beschikking in ruil voor een financiële compensatie. Zo dragen ze bij aan het evenwicht van het energiesysteem. Bijvoorbeeld: prijzen die wijzigen onder invloed van seizoenseffecten of prijsonderdelen specifiek voor zonnepanelen- of andere installaties, die slim aangestuurd en gebruikt worden.
We menen dat er minder verregaande maatregelen mogelijk zijn dan een vaste prijsstructuur opleggen. De vergelijkbaarheid van contracten zou kunnen verbeteren door een uniforme terminologie op de tariefkaart te verplichten. De wet zou bijvoorbeeld kunnen bepalen dat leveranciers enkel de term ‘vaste vergoeding’ mogen gebruiken en niet langer begrippen zoals ‘abonnementskost’ of ‘platformkost’.
Kortingen
Het wetsontwerp wil promoties voor gezinnen in de vorm van voorwaardelijke (welkomst)kortingen op de energieprijs verbieden. Het bepaalt ook dat prijsvergelijkers die kortingen niet mogen opnemen.
Wij vinden het geen goed idee om die kortingen niet toe te laten. Kortingen zijn een effectief middel om klanten aan te trekken. Zeker voor nieuwe spelers op de elektriciteits- en gasmarkt. Het verbod staat ook haaks op innovatieve producten waarbij afnemers korting krijgen bij verbruik tijdens specifieke tijdsblokken.
Wij vinden het belangrijk dat leveranciers kortingen kunnen blijven aanbieden. Consumenten kunnen daardoor wel degelijk lagere prijzen krijgen.
Leveranciers moeten uiteraard de voorwaarden om de kortingen te krijgen op voorhand transparant en ondubbelzinnig meedelen.
Gebruikers van de V-test® kunnen nu al kiezen om te vergelijken met of zonder kortingen.
De V-test® hanteert ook al strikte voorwaarden om kortingen te verrekenen in prijssimulaties. Zo neemt de V-test® enkel deze kortingen op:
- de korting moet op de tariefkaart staan en dus contractueel afdwingbaar zijn;
- zowel nieuwe klanten, als bestaande klanten die bij dezelfde leverancier voor een ander contract kiezen, moeten de korting krijgen;
- de klant moet de korting krijgen in het eerste contractjaar;
- de leverancier mag geen extra voorwaarden aan de korting opleggen, zoals bijvoorbeeld dat de klant altijd op tijd moet betalen.
QR-code
Sinds 1 juli 2025 staat op iedere voorschotfactuur, afrekeningsfactuur en contractvernieuwing in Vlaanderen een QR-code. Met die code kunnen gezinnen de V-check doen. Ze zien in één oogopslag of hun huidig energiecontract eerder goedkoop of duur is in vergelijking met andere actief aangeboden contracten in het Vlaamse Gewest.
In het federale wetsontwerp is sprake van een extra QR-code. Het is niet wenselijk om op de facturen twee QR-codes te zien, die leiden naar twee verschillende prijsvergelijkingswebsites.
We hebben ook verdere bedenkingen bij onder andere:
- de raming van de totaalprijs op jaarbasis op basis van historische energieprijzen;
- de vaste vergoeding en de verbrekingsvergoeding.
Meer daarover lees je in het advies zelf.